Ziekte van Graves en zwangerschap

februari 20, 2008

Wat zijn de opties?

Alle vormen van hyperthyreoïdie – de schildklier werkt te snel – komen voor in de zwangerschap. Graves’ hyperthyreoïdie komt het vaakst voor. Hyperthyreoïdie in de zwangerschap gaat samen met een grotere kans op een miskraam, een vroeggeboorte, een laag geboortegewicht en doodgeboorte. Het komt dus hard aan als je te horen krijgt dat je hyperthyreoïdie hebt, terwijl je zwanger wilt worden of zwanger bent. Wat dan?

Graves’ hyperthyreoïdie en zwangerschapswens

Bij een zwangerschapswens en hyperthyreoïdie kan een vrouw behandeld worden met:

  • schildklierremmende tabletten (PTU) in een zo laag mogelijke dosis;
  • radioactief jodium ofwel de ‘slok’ waardoor de schildklier (grotendeels) wordt vernietigd;
  • een operatie waarbij (een gedeelte van) de schildklier wordt verwijderd.

Liefst behandelen vóór de zwangerschap

Artsen behandelen Graves’ hyperthyreoïdie het liefst definitief vóór de zwangerschap met radioactief jodium of een operatie. In overleg kan gekozen worden voor een behandeling met schildklierremmers (PTU). Dit geldt vooral voor vrouwen die snel zwanger willen worden in verband met hun leeftijd.

Schildklierremmende tabletten en zwangerschapswens

De voorkeur heeft de schildklierremmer PTU. Deze remmer wordt gegeven als titratietherapie. Dit betekent dat de patiënte een zo laag mogelijke dosis PTU krijgt en geen T4-hormoon. Meestal treedt er binnen 6 weken een verbetering op. De – vooral oudere – patiënte verliest door deze aanpak geen kostbare tijd.

Radioactief jodium en zwangerschapswens

Van de drie behandelingen is deze het eenvoudigst. Bij een zwangerschapswens wil de patiënte snel resultaat. Er wordt daarom gekozen voor een hogere dosis radioactief jodium. Hierdoor krijgt de patiënte hypothyreoïdie, de schildklier werkt te langzaam. De patiënte krijgt dan T4-hormoon.

Wachttijd na radioactief jodium bij de ziekte van Graves

Aangeraden wordt 3 maanden te wachten met een zwangerschap. Pas na zo’n 3 maanden is het effect van de behandeling duidelijk. Soms maakt de schildklier dan nog te veel hormoon. Er is dan nog een behandeling met radioactief jodium nodig. En die mag niet gegeven worden tijdens een zwangerschap.

Operatie en zwangerschapswens

De operatie is een grote ingreep met risico op beschadiging van stembanden en bijschildklieren. Er is een kleine kans dat de hyperthyreoïdie terugkomt na de operatie. De schildklier kan te langzaam gaan werken (hypothyreoïdie) als er te veel schildklierweefsel is weggenomen.

Voor- en nadelen van de behandelingen

Bij zwangerschapswens op korte termijn in verband met de leeftijd van de patiënte, is een behandeling met PTU goed mogelijk. Snel kan aan zwangerschap gedacht worden.De operatie geeft kans op complicaties.Na behandeling met radioactief jodium wordt aangeraden een aantal maanden te wachten met zwanger worden. De NIV-richtlijn Schildklierfunctiestoornissen adviseert een wachttijd van 6 maanden. Eenzelfde wachttijd adviseren veel ziekenhuizen in hun patiëntenfolders. In de Aanbevelingen. Het werken met therapeutische doses radionucliden van het ministerie van VROM wordt een wachttijd van 4 maanden genoemd. Zo’n wachttijd (voor zwanger maken) geldt ook voor mannen als zij een slok hebben gekregen. In de praktijk wordt bij Graves’ hyperthyreoïdie ook wel een wachttijd van 3 maanden geadviseerd.

De kans op hypothyreoïdie is groot na radioactief jodium en een operatie. De patiënte moet dan T4-hormoon slikken. Als de patiënte zich goed voelt en haar waarden optimaal zijn, is een zwangerschap mogelijk. Bij het instellen op de goede dosis T4-hormoon is de snelheid van handelen van de arts van groot belang. Dan duurt het ongeveer 3 tot hooguit 6 maanden voor een patiënte goed is ingesteld.

Graves’ hyperthyreoïdie in de zwangerschap
Diagnose

Bij de diagnostiek van hyperthyreoïdie in de zwangerschap vergelijkt de arts de schildklierwaarden met die tijdens een normale zwangerschap. Voor het vaststellen van de oorzaak van de hyperthyreoïdie is een scan met een radioactieve stof (scintigrafie) uitgesloten. Met de bepaling van antistoffen tegen TSH-receptoren (TSI-antistoffen) kan de diagnose Graves’ hyperthyreoïdie worden gesteld.

Behandeling

Tijdens de zwangerschap wordt Graves’ hyperthyreoïdie behandeld met PTU. Als een patiënte een schildklierremmer + T4-hormoon slikte, wordt gestopt met het T4-hormoon. De arts streeft naar een zo laag mogelijke dosis PTU, in verband met mogelijke bijwerkingen voor de baby. Een regelmatige controle van de schildklierfunctie is gewenst, bijvoorbeeld elke 4 weken.Behandeling met PTU heeft de voorkeur boven thiamazol (Strumazol). In het verleden zijn bij het gebruik van thiamazol afwijkingen voorgekomen bij de baby.Ongeveer één derde van de zwangeren kan in de laatste drie maanden van de zwangerschap stoppen met de PTU. Dat komt doordat de ziekte van Graves dan minder actief is.

Bij het gebruik van PTU moet een zwangere behandeld worden door een internist en een gynaecoloog. De gynaecoloog let speciaal op de groei, hartfrequentie en schildkliergrootte van de baby.

Soms wordt de hyperthyreoïdie behandeld met een operatie, bij voorkeur in de vierde t/m de zesde maand. Een operatie kan nodig zijn als de patiënte niet reageert op de behandeling met PTU of als er te veel bijwerkingen zijn.

Tijdens de zwangerschap mag niet met een zogenoemde jodium-uptake onderzocht worden hoeveel radioactief jodium de schildklier opneemt. Met een uptake krijgt de patiënt een drankje met radioactief jodium. Een behandeling met radioactief jodium is natuurlijk ook uit den boze.

Altijd de TSI-antistoffen laten bepalen!

Bij Graves’ hyperthyreoïdie nu of in het verleden moet tijdens de zwangerschap het bloed altijd gecontroleerd worden op TSI-antistoffen. Dat gebeurt t/m de zesde maand. Als er TSI-antistoffen zijn aangetoond, moet de controle in de laatste drie maanden van de zwangerschap worden herhaald. Deze antistoffen kunnen via de placenta bij de baby terecht komen. In de laatste drie maanden kunnen die antistoffen de schildklierfunctie beïnvloeden van de baby. Hierdoor kan de baby zelf hyperthyreoïdie krijgen. Dit is gelukkig zeldzaam, bij ongeveer 1 tot 5% van alle zwangerschappen van alle ‘Graves-zwangeren’. Maar als het voorkomt, heeft de baby meer kans op onder andere groei- en ontwikkelingsstoornissen, een te snelle hartslag en een te grote schildklier (struma). Een struma kan problemen geven bij een bevalling. In dit geval moeten een internist en gynaecoloog de zwangerschap en bevalling goed begeleiden.

Graves’ hyperthyreoïdie: gevolgen baby en borstvoeding

Na de geboorte wordt de baby met de hielprik gecontroleerd op de werking van de schildklier. Als er bij de moeder TSI-antistoffen aanwezig waren, wordt het bloed uit de navelstreng onderzocht. Een kinderarts onderzoekt de pasgeboren baby op de tweede en tiende dag na zijn geboorte.Tijdens het geven van borstvoeding lijkt behandeling met schildklierremmende tabletten (PTU < 300 mg per dag en thiamazol < 20 mg per dag) veilig voor het kind. Een behandeling met radioactief jodium mag niet gegeven worden in deze periode.

Geraadpleegde bronnen


Bijvoeglijk naamwoord

februari 14, 2008

Oefenen met het bijvoeglijk naamwoord kan met deze oefening: bijvoeglijk-naamwoord.doc


Voltooid deelwoord

februari 14, 2008

Oefenen met het voltooid deelwoord kan met: voltooid-deelwoord.doc


Woorden maken

februari 14, 2008

Met het spel Woordmix kun je cursisten de volgende woorden laten maken:

woorden-maken.doc


Medullair schildkliercarcinoom

februari 9, 2008

Over deze vorm van schildklierkanker staat meer informatie op de website Spreekuur Thuis.

Schildklierstichting Nederland geeft er enige informatie over op website bij research, bij aandoeningen, bij de MAR (behandeling van neuro-endocriene tumoren) en in de brochure Schildklierkanker.

Lotgenotencontact

Overvloed en onbehagen

februari 9, 2008

Uitdagingen voor de moderne endocrinologie

De rede met deze titel heeft prof.dr. J.W.A. Smit uitgesproken op 25 januari 2008.

Een korte vooruitblik:

Hormonen zichtbaar maken
Onderzoekers en artsen weten nog lang niet genoeg over de werking van hormonen. Met meer kennis zou de behandeling van hormonale ziektes vaak anders en beter kunnen. Klinisch endocrinoloog Jan Smit doet onderzoek naar hormonen en zet zich in voor betere behandelmethodes. Vrijdag 25 januari houdt hij zijn oratie over de uitdagingen voor de moderne endocrinologie.

 

Communicatiewetenschappers

‘Hormonen zijn betrokken bij vrijwel alles wat het lichaam doet om in leven te blijven’, zegt Smit. ‘Ze regelen het interne programma van je lichaam, bijvoorbeeld je lengte, je vruchtbaarheid en je stofwisseling. Hormonen zorgen ook voor de communicatie tussen het lichaam en de buitenwereld. Hormonen – die worden gemaakt in hormoonklieren – zijn de boodschappers van het lichaam. Daarom noemen we onszelf ook wel eens gekscherend communicatiewetenschappers.’ Smit is hoogleraar bij de vakgroep Endocrinologie en stofwisselingsziekten van het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC).

Werking hormonen slecht bekend

Hoewel de endocrinologie zeer succesvol is, is de behandeling van patiënten met hormoonziekten niet optimaal. Smit: ‘We weten onvoldoende van de werking van hormonen: die is grotendeels onzichtbaar. We meten nu bij patiënten hormoonspiegels in het bloed, maar bloedwaarden zeggen weinig over de werking van hormonen in het weefsel zelf. Die werking kunnen we niet zichtbaar maken. En daar gaat het om. Ik wil daarom de manier waarop we nu tegen hormonale ziekten aankijken analyseren en nieuwe methodes bedenken om het in de toekomst anders en beter te kunnen doen.’

Betere behandelmethodes nodig

Volgens Smit valt ook de kwaliteit van de huidige behandelmethodes nog te verbeteren. ‘De behandeling van zieke hormoonklieren bestaat nu vaak uit het uitschakelen van die klier. De ontbrekende hormonen vullen we aan. Dat is grofweg hetzelfde als een gebroken been amputeren en vervolgens zeggen dat de patiënt genezen is. Dit moet anders en beter. Je zou moeten proberen de oorzaak van het probleem aan te pakken. Een punt hierbij is dat de huidige, tekortschietende praktijk spotgoedkoop is: een jaar schildklierhormonen slikken kost 36 euro. Dat belemmert de ontwikkeling van nieuwe, en waarschijnlijk veel duurdere therapieën.’ De situatie is omgekeerd bij suikerziekte die door overgewicht ontstaat, een steeds vaker voorkomende welvaartsziekte. Het is heel normaal om bij suikerziekte dure medicijnen voor te schrijven, maar het zou veel beter zijn om met een behandeling de schadelijke levensstijl van deze patiënten te verbeteren.’

Oplossingen zoeken

Smit wil deze vraagstukken helpen oplossen: ‘We proberen hormonen, hormoonwerking en hormoonziektes zichtbaar te maken, letterlijk, met geavanceerde beeldvorming.’ Smit probeert zogenaamde biomarkers te identificeren, stoffen in het bloed die overeenkomen met wat hormonen in de weefsels doen. Met biomarkers hoopt hij ook beter vaatschade bij suikerzieke patiënten te kunnen ontdekken. ‘Maar naast onderzoekers zijn we ook dokter’, zegt Smit. ‘Dat vind ik erg belangrijk. Je moet ook met je voeten in de klei staan.’

Betere voorlichting en opleiding

Smit vindt eerlijke voorlichting aan patiënten van cruciaal belang. ‘Door alle medische programma’s op tv heeft de maatschappij soms het idee dat de medische wetenschap alles kan. Dat is niet zo, er is zoveel dat we niet weten. Je moet die beperkingen ook duidelijk maken. Zo voorkom je ook irreële verwachtingen bij patiënten. Daarnaast is het belangrijk om medisch studenten in te wijden in de nieuwe ontwikkelingen van de endocrinologie zodat zij later, als arts en wetenschapper, de behandelingen kunnen ontwikkelen die wij nu bedenken.

Tussen wal en schip

In het LUMC ziet Smit relatief veel patiënten met kanker in hormoonklieren. Toch is het een soort kanker die veel minder vaak voorkomt dan bijvoorbeeld long- of borstkanker. ‘Mensen met deze zeldzame kanker vallen vaak tussen wal en schip. Omdat hun ziekte zo weinig voorkomt, wordt er nauwelijks geïnvesteerd in adequate behandelingsmethoden. Dat zie ik daarom als een van mijn grote uitdagingen.’

(22 januari 2007/Jacco van Weele)

 


Een top 3 (muziek)

februari 6, 2008

Hier vind je een persoonlijke muzikale top 3.

Philip Glass – Glassworks

Brian Eno – By this river

Pink Floyd – Echoes


Hebben – o.t.t.

februari 6, 2008

Oefenen met de onvoltooid tegenwoordige tijd van het werkwoord ‘hebben’ .

Je kunt de oefening downloaden: ott-hebben.doc


Nationaal plan van aanpak Windenergie

februari 5, 2008

In opdracht van het ministerie van VROM heb ik het Nationaal plan van aanpak Windenergie geredigeerd.

Op de websites van de Organisatie voor Duurzame Energie (ODE) en de Nederlandse Wind Energie Associatie (NWEA) is meer te lezen over windenergie.


TSH, T4 en T3, FT4 en FT3

februari 5, 2008

 

Normaalwaarden

Normaalwaarden zijn de  grenswaarden die horen bij een normale werking van de schildklier. 

TSH

De schildklier wordt aangestuurd door TSH (schildklier stimulerend hormoon). De hypofyse maakt dit hormoon. Aan de TSH-waarde is goed te zien hoe de schildklier werkt.

Als er te weinig schildklierhormoon in het lichaam is, maakt de hypofyse veel TSH. Je noemt dit wel een trage schildklier of hypothyreoïdie.

Is er te veel schildklierhormoon, dan maakt de hypofyse weinig TSH. Je noemt dit wel een snelle schildklier of hyperthyreoïdie.

T4 en T3

De schildklier maakt twee soorten hormonen aan: T4 (thyroxine) en T3 (thyronine). 
Het hormoon T4 is een soort voorraad. T3 is het actieve hormoon.

Naar behoefte van het lichaam, weefsels en cellen wordt T4 omgezet in T3. Dat gebeurt onder andere in de lever, de spieren en de hersenen.

FT4 en FT3

Het grootste deel van het T4- en T3-hormoon bindt zich aan eiwitten in het bloed. Een klein beetje hormoon is direct beschikbaar. Dit geef je aan met de letter F van free = vrij.

FT4 = vrij T4 en FT3 = vrij T3.

Normaalwaarden op een rijtje

De arts vergelijkt een gemeten waarde met de normaalwaarden. Zo ziet hij of deze binnen de normale grenzen ligt. Als deze waarde buiten de grenzen valt, doet een arts verder onderzoek naar de werking van de schildklier. Als de waarde binnen de normaalwaarden ligt, kijkt een arts eerder naar andere oorzaken van de klachten. Denk bijvoorbeeld aan diabetes.

Elk laboratorium heeft zijn eigen normaalwaarden. In het rijtje zie je de meest gebruikelijke.

Normaalwaarde TSH     : 0,4 – 4,0 mU/l
Normaalwaarde T4       : 60 – 140 nmol/l
Normaalwaarde FT4     : 8 – 26 pmol/l
Normaalwaarde T3       : 1,2 – 3,4 nmol/l
Normaalwaarde FT3     : 3 – 8 pmol/l

Meer informatie over schildklierhormoon en antistoffen vind je hier.